Koeriersters dragen de verzorgende illegaliteit in Doesburg

tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000

1942 – 1944

Bronnen:

Vanaf 1942 koeriert Betje Vos-Wiggemans voor de verzorgende illegaliteit in Doesburg; in 1944 sluit zij zich aan bij de LO, waarbinnen ze districtshoofd wordt van het Nationaal Steunfonds, en rijdt zij vanwege familiebanden in Winterswijk vaste routes richting Aalten.

Siny Westenberg krijgt vanaf 1943 als koerierster en vanaf 1944 als LO-medewerker, samen met Vos-Wiggemans, binnen de plaatselijke illegaliteit een rol die traditioneel alleen aan mannen werd toebedeeld. Bep de Wolf en Hetty Franken beperken hun koerierswerk vanaf 1943-1944 tot de plaatselijke LO in de directe omgeving van Doesburg. Gerda ter Steeg wordt in 1944 vanwege een familierelatie in Amsterdam juist op de route naar het westen gezet en onderhoudt de verbinding tussen de LO-Achterhoek en LO Amsterdam.

Onderwijzeres Niesje van Essen koeriert vanaf 1942 voor de Ordedienst in Doetinchem, aanvankelijk nog volledig los van het Doesburgse verzet, en sluit zich in 1943 aan bij de Escapegroep Doesburg; door deze dubbelrol wordt zij binnen de illegaliteit alleen ingezet binnen de BS-districten Achterhoek en Liemers.

De huizen van Willem Wijnen en de familie Borchert worden in 1944 herhaaldelijk door de Sicherheitsdienst doorzocht; koeriersters Siny Westenberg en Betje Vos-Wiggemans, koerier Theo Weetink en pastoor Uyttewaal worden daarbij hoogstwaarschijnlijk gearresteerd, ondervraagd en onder druk gezet — uit vrees om anderen te verraden wordt hierover niets op papier gezet.