Het Rode Kruis als dekmantel voor het Doesburgse verzet
tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000
1941 – 1944
- Het Stille Netwerk: 1940-1945. De Doesburgse illegaliteit, haar ontstaan en regionale ontwikkeling , Sander Polman & Michel Wenting (boekpagina 89, 91-92, geraadpleegd 16-09-2026.)
Ries van Schaik, vanaf 1941 medewerker verbindingen bij de Ordedienst en ondercommandant van Liemers OD Gewest VII-7, onderhoudt vanaf 1943 onder de vlag van het Rode Kruis een communicatielijn tussen Doesburg en de OD-Radiodienst in Zutphen: met een Rode Kruis-armband op pad, kwam hij dezelfde avond nog met inlichtingen terug.
Eind 1944 gebruikt Willem Wijnen op vergelijkbare wijze de inrichting van een nieuw Rode Kruis-noodhospitaal in Lathum als dekmantel voor het verkrijgen van inlichtingen voor het regionale paramilitaire netwerk van de Binnenlandse Strijdkrachten, Gewest IV-5.
Het Doesburgse Rode Kruis onder leiding van J. Th. van Wijngaarden dient dan ook niet alleen een faciliterende rol, maar wordt frequent als dekmantel voor illegale activiteiten gebruikt en werkt de bezetter, anders dan Rode Kruis-afdelingen elders die zich volgens een NIOD-onderzoek uit 2017 juist gezagsgetrouw beperkten, actief tegen — getuige de reactie van een Duitse officier in 1944: “Das verdammte Rote Kreuz is alles Schweinhunde en Partisanen.”