Brede laag van Doesburgse burgers ondersteunt de illegaliteit vanuit beroep en bedrijf
tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000
1943 – 1944
- Het Stille Netwerk: 1940-1945. De Doesburgse illegaliteit, haar ontstaan en regionale ontwikkeling , Sander Polman & Michel Wenting (boekpagina 43, 89, 91-92, 96, geraadpleegd 16-09-2026.)
Huisarts B. Rensing en Rode Kruis-arts J. Kuiper bieden medische ondersteuning aan onderduikers en helpen bij het vrijwaren van de Arbeitseinsatz; dierenarts Gurck ondersteunt met clandestiene slacht ten behoeve van de voedselvoorziening van onderduikers.
Diverse Doesburgse zelfstandigen steunen vanuit hun eigen zaak: drogisterij Gastelaars levert verbandmiddelen, onderhoudt een telefoonpost voor het verzet en ondersteunt de voedselgroep van Antoon Berendonk, familie Dors aan Markt 1 verzorgt transport en een onderduikadres, bakker Derksen en horlogerie Vester steunen eveneens de voedselgroep-Berendonk, en groenteboer Lubbers steunt de LO in zijn latere rol als hulppolitie.
Kapitein Krommenhoek van het Leger des Heils (zelf ook LO-medewerker) en collega Wouda, Rode Kruis-voorzitter J.Th. van Wijngaarden, en de dames Van der Wal en Anneke Pieterse van het UVV gelden voor Piet Willemsen als steunpilaren voor de hulp aan onderduikers; de Doesburgse brandweer regelt via de heer Kok vrijstellingen en brandweerpapieren voor illegaliteitsleden.
Ook postbode Jan Hulshof en voedselmedewerker Antoon Berendonk — wiens achterkamertje aan de Koepoortstraat 7 dient als overlegplek en luisterpost voor de verboden radio — komen, net als Krommenhoek, vanuit een aanvankelijk ondersteunende rol onbedoeld in fulltime verzetswerk terecht; gemeentebode F. Lemson en ‘de Wasbaas’ J.H. Jansen sluiten zich op vergelijkbare wijze aan bij de verzorgende illegaliteit.